Home / Beginnende lezers / Blaffen om donuts (AVI-M4)

Blaffen om donuts (AVI-M4)

[DOOR LINDA] ‘O, die donut. Zo zacht en zo zoet. Hij smolt op mijn tong. Het was de beste donut van het heelal. En toen ik die donut op had, wilde ik nooit meer iets anders eten. Ik wilde voor altijd bij Bessie de Donutdame blijven. Zij had mij die donut gegeven.’
– Blaffen om donuts –

Dit boek is geschikt om zelf te lezen vanaf groep 4.

Het verhaal

Blaffen om donutsSnip is de hond van Julie en Lara. Ze vraagt zich af wat er zou gebeuren als ze gewoon weg zou rennen. Dan hoeft ze in ieder geval niet meer te luisteren naar het stomme gegiechel van Julie en Lara.

Na een hele tijd rennen stopt Snip. Ze kijkt om zich heen en heeft geen idee waar ze is. Wel ruikt ze allemaal lekker eten en ziet ze veel verschillende eettentjes. Ze krijgt een lekkere donut en wil nooit meer iets anders eten. Ze verstopt zich in de auto van de Donut-dame, zodat ze nog veel meer donuts kan eten.

Na een tijdje begint ze haar baasjes te missen. Als ze op een dag bij de kraam staan besluit Snip dat ze naar huis wil. Maar zal het haar lukken om haar huis te vinden? En wat zal ze er aantreffen?

Recensie

Snip vraagt zich af wat er gebeurt als ze wegloopt van huis en besluit dit te proberen. Voor mij erg herkenbaar. Als ik me iets afvraag, ga ik ook op onderzoek uit. Voor kinderen zal dit ook herkenbaar zijn.

Een andere herkenbare situatie is het moment dat Snip twijfelt of ze naar huis moet gaan of toch bij de Donut-dame moet blijven. Hoe vaak zal het niet gebeuren dat kinderen twijfelen of ze het een of het ander moeten doen. Dit is ook een mooi onderwerp om met de klas over in gesprek te gaan.

Ik heb erg gelachen om het laatste stuk van het boek. Snip was eigenlijk al vervangen door een andere hond en de honden kunnen alleen maar tegen elkaar grommen. Ook de stukjes over de vossen vond ik erg grappig.

Met dank aan Uitgeverij Bontekoe voor het toezenden van dit recensie-exemplaar.

Bekijk dit boek

Ideeën mini leeslessen Blaffen om donuts

Om kinderen te enthousiasmeren om het boek te lezen en hen te stimuleren om erover na te denken kun je het boek koppelen aan mini leeslessen. Dit zijn tevens manieren om met kinderen in gesprek te raken over boeken en hun interesses te ontdekken. Enkele mini leeslessen voor het boek Blaffen om donuts zijn:

  • Snip zegt een aantal keer ‘ik zweer het.’ als hij iets aan het vertellen is. Lees bladzijde 14 ‘Ik rende en…’ t/m bladzijde 15 ‘…doe mijn ding.‘ voor.
    Leesvraag: Is er in jouw boek iemand die iets vaak zegt?
  • Als Snip klaar is met rennen, heeft ze geen idee waar ze is. Ze is verdwaald. Lees bladzijde 22 ‘Ik kwam juist…’ t/m bladzijde 23 ‘…met veel eettentjes.‘ voor.
    Leesvraag: Is er in jouw boek iemand die verdwaald is?
  • Van Bessie krijgt Snip een donut. Het is het lekkerste dat ze ooit heeft gegeten. Ze vind het zo lekker dat ze het liefst nooit meer iets anders zou willen eten. Lees bladzijde 29 ‘Maar wat ik…’ t/m bladzijde 31 ‘…in de bus.‘ voor.
    Leesvraag: Is er in jouw boek iemand die iets heel erg lekker vindt?
  • Snip hoort van de vossen dat haar baasjes haar aan het zoeken zijn. Ze weet niet goed wat ze moet doen. Moet ze terug gaan naar huis of moet ze bij de lekkere donuts blijven? Lees bladzijde 41 ‘Ik ging de…’ t/m bladzijde 45 ‘…donuts te verkopen.‘ voor.
    Leesvraag: Is er in jouw boek iemand die niet goed weet wat hij moet doen?
  • Fiko en Snip zijn boos op elkaar. Zo boos dat ze de hele tijd naar elkaar blijven grommen. Lees bladzijde 77 ‘Wij waren nu…’ t/m bladzijde 79 ‘…En die maand.‘ voor.
    Leesvraag: Is er in jouw boek iemand boos? Waarom is diegene boos?
  • Meer mini leeslessen bij Blaffen om donuts vind je hier.

DOWNLOAD hier de Mini leesles leskaart Blaffen om donuts.

Overige ideeën

  • Donut ontwerpen: Snip is dol op donuts! Er bestaan een heleboel verschillende soorten donuts, in verschillende kleuren, smaken en met of zonder vulling. Welke donut lijkt jou het aller lekkerst? Teken deze donut en schrijf erbij welke smaak hij heeft en of er een vulling in de donut zit.
  • Verhaal schrijven: Misschien heb je zelf wel een huisdier of ken je huisdieren van andere mensen. Stel je toch eens voor dat dit huisdier zomaar wegloopt. Lees bladzijde 35 ‘Ik weet wat…’ t/m bladzijde 41 ‘…naar huis gaan?’ voor. Wat zou jij doen als je een huisdier kwijt bent en hoe zou jij je voelen? Schrijf een verhaal waarin je huisdier weg is en jij hem gaat zoeken.