Home / Dieren / Naar de wolven

Naar de wolven

[DOOR MARIE-JOSE] ‘Eigenlijk,” zei Fabeltje, ‘is het speeltje van mij.
Ik kwam het alleen even laten zien. Kom Benjamin, we gaan.’
– Naar de wolven –

Dit boek is geschikt om voor te lezen vanaf groep 1.

Het verhaal

Naar de wolvenFabeltje ontdekt op een dag dat hij de liefde van zijn bazen moet delen met een klein wonderlijk schepseltje. Erger nog… baby Benjamin krijgt meer aandacht dan hij.

Als de buurman zegt dat Benjamin niet zo’n kabaal moet maken anders gaat hij naar de wolven, krijgt Fabeltje een idee. Hij neemt Benjamin ‘s nachts mee op zijn rug en gaat op visite bij de wolven. Die willen ermee spelen en erin bijten. Dan beseft Fabeltje dat Benjamin eigenlijk nog maar een puppy is en hij maakt op zijn manier kennis met dit lieve kleine schepseltje. Snel vliegen ze terug.

Recensie

Het verhaal leest als een sprookje en dat komt voornamelijk door de prachtige illustraties van Ingrid & Dieter Schubert. Voor jonge kinderen is het in eerste instantie wat moeilijk te begrijpen, maar met behulp van het praten over de illustraties en wat je daarop allemaal kunt zien, komt het verhaal tot leven.

Het thema, het wennen aan een nieuw huisgenootje als je eerst zelf in het middelpunt van de belangstelling staat, is herkenbaar voor kinderen. Dit boek heeft een terechte leespluim gekregen. Ik vind het een prachtig boek om aan te bieden bij een thema over gevoelens of een thema over baby’s. De taal is rijk en samen met de illustraties sprookjesachtig mooi, waarbij ik vele mogelijkheden zie om met het boek aan de slag te gaan.

Met dank aan de Uitgeverij Querido voor het toezenden van dit recensie-exemplaar.

Bekijk dit boek hier.

Ideeën mini leeslessen Naar de wolven

In de onderbouw werken de mini leeslessen anders. Het voornaamste doel van het voorlezen in de onderbouw is het leesplezier! Kinderen die graag worden voorgelezen en het fijn vinden om boeken te bekijken, zullen later het lezen sneller oppakken. Bij de keuze van het boek is het belangrijk om aan te sluiten bij de belevingswereld van de kinderen.
In onderstaande mini leeslessen staat beschreven hoe je Naar de wolven kunt voorlezen. Voorlezen is een manier om naast het vergroten van het leesplezier te werken aan andere doelen zoals het vergroten van de woordenschat, het inzicht in zinsbouw, verhaalbegrip, de communicatievaardigheid en boekoriëntatie te werken.

Voor het voorlezen:

Bekijk met de leerlingen de kaft en praat erover voor je start met voorlezen.

  • Kijk naar de illustratie en vraag de kinderen wat ze zien.
  • Lees de titel voor en vraag of ze een idee hebben wat dat betekent.

Bij LIST bij kleuters vertel je kort de strekking van het verhaal zonder dat je de clou weggeeft. Je wil dat kleuters nieuwsgierig worden en de juiste informatie tot zich nemen, waardoor het verhaalbegrip zo groot mogelijk wordt. Voor dit boek zou dat als volgt kunnen:

  • Als er in het huis van Fabeltje de hond een baby’tje geboren wordt, is Fabeltje een beetje jaloers… Benjamin, het baby’tje mag alles. Benjamin mag zelfs binnen poepen en dat mag hij niet. Dan krijgt Fabeltje een plan. Hij wil Benjamin naar de wolven brengen…

Als het prentenboek voor de eerste keer voorgelezen wordt, onderbreek je bij LIST voor kleuters het verhaal zo min mogelijk. Je geeft alleen maar uitleg als je denkt dat sommige woorden te moeilijk zijn om het verhaal te begrijpen.  Zorg ervoor dat de kinderen het boek goed kunnen zien.

Uitleg geven kan op de volgende manier:

  • Bespreek bij de bladzijde waar Benjamin op het grote bed ligt: Kijk, ik zie dat hier het baby’tje op het grote bed ligt tussen de kussen, zo kan hij er niet af vallen. Papa en mama houden heel veel van hem dat kun je zien op de foto boven het bed. Fabeltje kijkt niet zo heel lief naar Benjamin… Lees daarna de tekst
  • Bij de bladzijde waar Fabeltje met een rood mutsje naar binnen sluipt vertel je: Fabeltje brengt een rood mutsje naar Benjamin net als roodkapje, zou hij hem meenemen? Lees daarna de tekst.
  • Fabeltje snapt ineens =dat Benjamin geen speeltje is, vertel: Zie je de wolven naar Benjamin kijken, zij willen gaan spelen? Fabeltje kijkt heel lief naar hem Lees daarna de tekst
  • Bespreek bij de bladzijde waar Fabeltje snel vlucht voor de wolven: Ze vliegen snel weg. Lees daarna de tekst
  • Bij de bladzijde waar Fabeltje knuffelt met Benjamin, bespreek je: Kijk Fabeltje is nu heel lief voor Benjamin. Lees daarna de tekst.

Bij volgende keren voorlezen is het wel mogelijk om dieper na te denken over een fragment van het verhaal. Als je een denkvraag stelt, vraag dan door op wat de leerlingen antwoorden.

Maak een keuze uit onderstaande vragen:

Kijk en vergelijk:

  • Hoe kijkt Fabeltje naar Benjamin op de bladzijde waar Benjamin op het bed ligt tussen de kussen van Fabeltje?
  • Hoe kijkt Fabeltje op de laatste bladzijdes als hij samen met Benjamin op de kussens ligt?
    Wat is het verschil, hoe komt dat volgens jullie?

Betwijfelen:

  • Op de bladzijde waar de wolven een beetje ruzie maken wie het eerst met Benjamin mag spelen. Fabeltje zegt dan: ‘Eigenlijk, is het speeltje van mij. Ik kwam het alleen even laten zien.’
    Waarom denken jullie dat Fabeltje Benjamin heeft meegenomen naar de wolven? Hoe komt het dat Fabeltje nu twijfelt?

Bedenken:

  • Op de bladzijde waar alleen de oude buurman zijn wenkbrauwen fronst.
  • Iedereen vindt Benjamin lief, maar de buurman vindt hem niet zo lief. Hoe komt het denken jullie?

Oplossen:

  • Fabeltje is een beetje jaloers op Benjamin. Hoe zouden de bazen het kunnen oplossen, zodat Fabeltje niet meer jaloers is?

Voorspellen:

  • Als Fabeltje samen met Benjamin naar de wolven vliegt suist de wind langs hun snuiten. Wat denkt Fabeltje tijdens het vliegen denken jullie? Wat denkt Benjamin tijdens het vliegen?

Grote ideeën:

  • Ben jij ook wel eens jaloers op iemand?
  • Is het erg om jaloers te zijn?

Ontwerpen:

  • Op de laatste bladzijde staat: ’Alleen Fabeltje twijfelde. Soms.’  Kunnen jullie bedenken wanneer Fabeltje twijfelt of hij de liefste is?

Verbinden:

  • Op de bladzijde waar Fabeltje een rood mutsje aan Benjamin geeft en je een schilderij van Roodkapje aan de muur ziet hangen. Wat heeft het verhaal van Roodkapje met het verhaal van Fabeltje te maken?

 Woorden die goed behandeld kunnen worden bij dit boek om de woordenschat te vergroten:

  • Met behulp van de illustraties: snuit, vacht.
  • Uitleggen met andere woorden: de bazen, schattig, schreeuwlelijk, de wind suist, spekwangetjes, velden, aardig, smaakt het naar, opeens, puppy, blinkende tanden, grauwende snauwende grommende wolf, snoezig, twijfelen, kans.
  • Uitleggen door het te doen/aan te wijzen: de wenkbrauwen fronsen, kabaal, sluipen, fluisteren, wapperen, flapperen, galopperen, racen, madeliefjes, piepen, grommen, snuffelen, hals.

LIST bij kleuters

In groep 1-2 wordt op bijna alle scholen gewerkt met thematisch onderwijs. Bij het voorlezen is het dan ook een logische keuze om te kiezen voor prentenboeken die bij het thema passen. Het doel van het thematisch voorlezen is dat de ervarings- en taalbasis van de kinderen vergroot wordt.

Bij de LIST-methodiek kiezen de leerkrachten een essentieel thema, waarbij 1 prentenboek de basis is. Essentiële thema’s zijn brede onderwerpen waar mensen op verschillende wijzen naar kijken en die uitnodigen tot het stellen van vragen en filosoferen. Het zijn thema’s die vaak terugkomen in het dagelijks leven. Door het gebruik van een essentieel thema leren kinderen de verbinding te leggen tussen de wereld en zichzelf.

Essentieel thema

Bij dit boek past het essentieel thema: Baby

De zin die centraal kan staan is: ‘naar de wolven’. Als centrale woord zou ik ‘wolven’ kiezen.

Andere essentiële thema’s zouden kunnen zijn:

  • Voelen
  • Alleen en samen
  • Honden

Introductie:

Als introductie kun je dit filmpje laten zien waar een hond voor een baby zorgt. Praat met de kinderen over huisdieren en hoe deze kunnen zorgen voor de kinderen.

Mogelijke activiteiten

Sanne Spiero heeft voor de leespluim deze leuke activiteiten bij het boek bedacht. Bekijk ook het juryrapport.

Creatief schrijven:

  • Maak een geboortekaartje voor Benjamin.
  • Maak een dierenpaspoort voor Fabeltje zie kleuteridee.
  • Schrijf en teken wat je allemaal nodig hebt als je een hond hebt.
  • Schrijf en teken wat je allemaal nodig hebt als er een baby komt.

Motoriek:

  • De kussens van Fabeltje en Benjamin hebben allerlei verschillende kleurtjes en motieven. Laat de kinderen ook voorgetekende lege kussens inkleuren en tekenen met motieven die ze zelf verzinnen.
  • Aan de muur hangen mooie schilderijen in het boek. Maak met de kinderen een schilderij over het boek; ‘Naar de wolven’.
  • Een hondenparcours afleggen in de speelzaal.

Spel:

  • Speel het verhaal na en gebruik de woorden uit het boek die je goed uit kunt beelden met behulp van het verhaal.
  • De baby in bad doen.
  • Maak een hondenparcours en speel zelf dat je een hond bent en op handen en voeten loopt.
  • Speel dat je een hond moet opvoeden, hoe leer je hem pootje geven, liggen, etc. Hondencentrum Chimié geeft deze tips en in dit filmpje zie je hoe je een hond trucjes kunt leren.

Bouwhoek:

  • Wieg/ledikantje bouwen voor Benjamin.
  • Box bouwen.
  • Wolvenhol bouwen.
  • Bouw een hondenhok.

Muziek:

Rekenen:

  • Madeliefjes tellen/blaadjes van de madeliefjes tellen.
  • Wolven tellen.
  • Babyflesjes vullen met opdrachtkaartjes (zie kleuteridee).

Andere boeken over baby’s en honden

Overige ideeën

Filmpje over: Als mijn hond een liedje zou schrijven dan…

Sprookje Peter en de wolf