Het eigenwijze ei (thematitel kbw24)

DOOR MARIE-JOSE] ‘Ben jij mama ei?’
“Dit is mijn mama.
Lijkt ze op die van jou?’
‘Ik weet het niet.
Mijn mama is altijd warm,
Nu voel ik alleen maar kou.’

-Het eigenwijze ei-

Het verhaal

Cover Het eigenwijze ei

Ei is op zoek naar zijn mama. Hij komt allerlei dieren tegen en vraagt of zij zijn mama zijn. Helaas hebben ze allemaal andere eigenschappen, die niet bij zijn mama passen. Zelfs de kip, die eieren gelegd heeft, lijkt niet op zijn mama. Dan wordt het nog spannend als ekster in de buurt komt. Maar gelukkig komt papa eraan en jaagt de ekster weg. Ei wordt veilig naar zijn nest gebracht om de volgende dag een babyzwaan te worden.

Benieuwd naar dit boek? Bekijk het inkijkexemplaar.

Recensie

Een simpel verhaal op rijm en herhalende zinnen, sfeervol neergezet met mooie illustraties door Milja Praagman. De taal in het boek is eenvoudig. Dat maakt dit boek ook geschikt voor de kinderopvang. Peuters begrijpen snel het verhaal. De prenten ondersteunen het verhaal. Het verhaal doet denken aan het boekje ‘Mama kwijt’. Het is leuk om deze beide boeken voor te lezen en de kinderen na te laten denken over de overeenkomsten en verschillen in de boeken.

Dit boek is een van de thematitels voor de kleuters bij de Kinderboekenweek 2024, waarbij het thema Lekker eigenwijs is.

Met dank aan Uitgeverij Leopold voor het toezenden van dit recensie-exemplaar.

Ideeën voorlezen Het eigenwijze ei.

In de onderbouw werken de mini leeslessen anders. Het voornaamste doel van het voorlezen in de onderbouw is het leesplezier! Kinderen die graag worden voorgelezen en het fijn vinden om boeken te bekijken, zullen later het lezen sneller oppakken. Bij de keuze van het boek is het belangrijk om aan te sluiten bij de belevingswereld van de kinderen.
Hieronder staat beschreven hoe je Het eigenwijze ei kunt voorlezen. Voorlezen is een manier om naast het vergroten van het leesplezier te werken aan andere doelen zoals het vergroten van de woordenschat, het inzicht in zinsbouw, verhaalbegrip, de communicatievaardigheid en boekoriëntatie te werken.

Verder vind je in dit blog ook uitwerkingen hoe  je met dit prentenboek aan de slag kunt gaan met geletterdheid en hoe je allerlei activiteiten kunt koppelen aan dit specifieke boek.

Introductie en voorlezen

Als introductie: Vertel de kinderen over ‘eigenwijs zijn’. Wat betekent dat precies? Zelfstandig zijn, een eigen mening hebben, alles willen weten, twijfelen of iets waar is en zelf onderzoeken, zijn allemaal eigenschappen die bij eigenwijs zijn horen.

Voor het voorlezen:

Vertel kort de strekking van het verhaal zonder dat je de clou weggeeft. Je wil dat kinderen nieuwsgierig worden en de juiste informatie tot zich nemen, waardoor het verhaalbegrip zo groot mogelijk wordt. Voor dit boek zou dit als volgt kunnen:

  • Vertel dat het ei in dit boek eigenwijs is. Hij gaat op zoek naar zijn mama. Ei weet nog niet goed hoe mama eruit ziet, maar hij weet wel hoe mama voelt en hoe ze klinkt. Daarom kan ei goed beslissen of de dieren die hij tegenkomt zijn mama kunnen zijn.

Als het prentenboek voor de eerste keer voorgelezen wordt, onderbreek je het verhaal zo min mogelijk. Je geeft alleen maar uitleg als je denkt dat sommige woorden te moeilijk zijn om het verhaal te begrijpen.  Zorg ervoor dat de kinderen het boek goed kunnen zien (liefst via het digibord). Moeilijke woorden op de pagina leg je van tevoren uit in kindertaal eventueel met hulp van de illustratie. In dit boek geven de prenten veel informatie. Zo is het goed om aandacht te besteden aan de details in de tekeningen. Mijn voorkeur gaat uit naar het voorlezen en gelijktijdig stilstaan bij wat je ziet op de prenten voordat je verder gaat.

Bij volgende keren voorlezen is het mogelijk om dieper na te denken over een fragment of een bepaald stukje uit het verhaal. Als je een denkvraag stelt, vraag dan door op wat de leerlingen antwoorden.

Maak een keuze uit onderstaande vragen:

Kijk en vergelijkEerst rolt het ei, dan zie je op de volgende bladzijde twee pootjes en daarna valt er een stukje eierschaal op de grond en zie je twee oogjes. Kijk eens naar het ei. Wat is er steeds anders?
BetwijfelenEi wordt gered door zijn papa. Vindt ei het fijn dat hij zijn papa gevonden heeft? Hoe weet je dat?
BedenkenHet ei rolde eerst tegen een steen aan. Waar zou het ei vandaan komen denk je?
OplossenDe ekster wilde het ei pakken en opeten. Gelukkig kwam papa zwaan hem redden. Hoe had hij zelf de ekster weg kunnen jagen?
VoorspellenNa de eerste keer voorlezen: Waar zou mama zwaan zijn? Kun je bedenken hoe een kleine zwaan eruit ziet? Laat dit filmpje van de  moeder zwaan met jonge zwanen zien
Ontwerpen (Deze vraag stel je alleen tijdens de eerste keer voorlezen)Ei zegt dat er een verrassing in hem zit. Kun jij bedenken welke verrassing dat is? Hoe zou dat eruit zien? Waar zou hij allerliefst willen zijn?
Grote ideeënPapa zwaan zegt: ‘Papa’s kunnen alles.’ Wat kunnen papa’s en mama’s allemaal?
VerbindenEen jonge zwaan heet een pul, een jong schaap een lammetje Bedenk namen van andere dieren die jong zijn.

Woorden die goed behandeld kunnen worden bij dit boek om de woordenschat te vergroten:

  • Met behulp van de illustraties:rups, kalfjes, lammetje, eierdief, ekste, zwaan.
  • Uitleggen met andere woorden: zo zacht als dons, dartelen in het rond, ik was van de leg, broeden.
  • Door het uit te beelden of te doen: een stapje terug.

Werken vanuit essentiële thema’s

In groep 1-2 wordt op bijna alle scholen gewerkt met thematisch onderwijs. Bij het voorlezen is het dan ook een logische keuze om te kiezen voor prentenboeken die bij het thema passen. Het doel van het thematisch voorlezen is dat de ervarings- en taalbasis van de kinderen vergroot wordt.

Kies een essentieel thema, waarbij 1 prentenboek de basis is. Essentiële thema’s zijn brede onderwerpen waar mensen op verschillende wijzen naar kijken en die uitnodigen tot het stellen van vragen en filosoferen. Uitleg over het essentiele thema lees je in het blog Werken met essentiële thema’s.

Essentieel thema

Binnen een essentieel thema werk je met een centrale zin en woord. Uitleg over de centrale zin en het centrale woord lees je in het blog Geletterdheid met prentenboeken.

Bij dit boek past het essentieel thema: 
Lekker eigenwijs

De zin die centraal kan staan is: ‘Hallo, ben jij mijn mama ei’.
Als centrale woord zou ik ‘ei‘ kiezen.

Andere essentiële thema’s bij dit prentenboek kunnen zijn:

  • Groeien
  • Dit kan ik

Mogelijke activiteiten

Creatief schrijven:

  • Ei rolt en botst tegen een steen. Dan hoor je …krak, Boink, Au. Welke woorden van andere geluiden ken jij? Maak een lijstje.
  • De dieren in het boek maken ook allemaal een ander geluid. Schrijf de dierengeluiden uit het boek op
  • Ekster houdt wel van een lekker hapje. Wat zou ekster allemaal eten?
  • Morgen wordt ei een mooie kleine zwaan. Wat doe jij morgen?

Rekenen:

  • Op de bladzijde van de paarden. Hoeveel poten tel je op deze bladzijde?
  • En hoeveel poten heeft de rups?
  • Hoeveel keer zou ei in de steen passen?
  • Ei doet een stapje terug. Kun je achteruit tellen van 5 naar 0. Lukt het ook van 10 naar nul?
  • School tv. Leren tellen zwanen

Muziek/film/spel:

Natuur:

Creatief:

Vergelijkbare artikelen