Home / Feesten / Lichtjes voor Sint-Maarten

Lichtjes voor Sint-Maarten

[DOOR MARIE-JOSE] ‘Wonk kijkt naar zijn mooie zonlantaren.
Dan kijkt hij naar Oebi. Zijn hart bonkt. Zal hij….?’

– Lichtjes voor Sint-Maarten –

Het boek is geschikt om voor te lezen vanaf groep 1.

Het verhaal

Lichtjes voor Sint-Maarten

Alle kabouters verheugen zich op het feest van Sint-Maarten. Dan kunnen ze met hun lampion zingend de straat op gaan. Eerst moeten er lampionnen gemaakt worden. Ze werken hard en zijn trots op het resultaat. De kabouters zetten de lampionnen klaar om morgen mee te nemen. Maar… als ze terugkomen zien ze dat één lampion helemaal kapot is. Wie heeft dat gedaan?

Recensie

Sint-Maarten wordt niet overal gevierd, maar voor die delen van Nederland waar het wel gevierd wordt is Lichtjes voor Sint-Maarten een aardig boek om de kinderen voor te bereiden op dit feest. Het is traditie om met lampionnen langs de deur te gaan, liedjes te zingen en snoepjes te krijgen. Lampionnen kun je zelf maken net zoals de kabouters in Lichtjes voor Sint-Maarten. Het verhaal gaat niet alleen over het Sint-Maartenfeest, maar heeft daarnaast ook nog een boodschap dat je geen vooroordelen moet hebben, niet meteen een schuldige aan moet wijzen en dat je soms verrast wordt doordat iemand iets aardigs voor je doet. Het is een lief verhaal en de tekeningen zijn mooi. Vooral de gevoelens van de kabouters zijn goed getekend. 

Met dank aan Uitgeverij Christofoor voor het toezenden van dit recensie-exemplaar.

Ideeën mini leeslessen Lichtjes voor Sint-Maarten

In de onderbouw werken de mini leeslessen anders. Het voornaamste doel van het voorlezen in de onderbouw is het leesplezier! Kinderen die graag worden voorgelezen en het fijn vinden om boeken te bekijken, zullen later het lezen sneller oppakken. Bij de keuze van het boek is het belangrijk om aan te sluiten bij de belevingswereld van de kinderen.
Hieronder staat beschreven hoe je Lichtjes voor Sint-Maarten kunt voorlezen. Voorlezen is een manier om naast het vergroten van het leesplezier te werken aan andere doelen zoals het vergroten van de woordenschat, het inzicht in zinsbouw, verhaalbegrip, de communicatievaardigheid en boekoriëntatie te werken. Het verhaal is in eenvoudige taal en hoeft niet vaak onderbroken te worden om iets extra uit te leggen.

Introductie:

Voor het voorlezen:

Bij LIST bij kleuters vertel je kort de strekking van het verhaal zonder dat je de clou weggeeft. Je wil dat kleuters nieuwsgierig worden en de juiste informatie tot zich nemen, waardoor het verhaalbegrip zo groot mogelijk wordt. Voor dit boek zou dit op de volgende manier kunnen:

  • Alle kabouterkinderen gaan lampionnen maken voor het feest van Sint-Maarten. Wonk is een plaagkaboutertje. Hij maakt graag grapjes. Niet iedereen vindt zijn grapjes leuk. Als de lantarens klaar zijn hangen de kabouters ze op. De volgende dag schrikken ze heel erg want de lampion van Oebi is kapot. Hoe zou dat komen?

Als het prentenboek voor de eerste keer voorgelezen wordt, onderbreek je bij LIST voor kleuters het verhaal zo min mogelijk. Je geeft alleen maar uitleg als je denkt dat sommige woorden te moeilijk zijn om het verhaal te begrijpen.  Zorg ervoor dat de kinderen het boek goed kunnen zien. Leg moeilijke woorden uit door te vertellen wat je op de tekening ziet. Geef de kinderen de tijd om goed naar de illustraties te kijken want de illustraties zijn nodig om het verhaal en de boodschap in het verhaal te begrijpen. Je kunt met behulp van de illustraties met de kinderen praten over wat er te zien is en welke betekenis het heeft in dit verhaal.

Bij volgende keren voorlezen is het mogelijk om dieper na te denken over een fragment van het verhaal. Als je een denkvraag stelt, vraag dan door op wat de leerlingen antwoorden.

Maak een keuze uit onderstaande vragen:

Kijk en vergelijk

  • Hiervoor is de bladzijde waar de kabouters op het plein bij elkaar staan geschikt. Je ziet hier de kabouters bij elkaar staan. Je ziet niet wat ze denken. Kun je bedenken wat ze denken?
  • Kijkt iedereen hetzelfde?

Betwijfelen

  • Gebruik dezelfde bladzijde. Hollie staat een beetje aan de kant. Ze zegt dat Wonk wel graag plaagt maar dat hij niet gemeen is. Is plagen gemeen?

Bedenken

  • Op de laatste bladzijde staat: ‘En Wonk….Wat doet Wonk…?Legt hij stinkzwammetjes neer of….? Kun je bedenken wat Wonk doet?

Oplossen

  • Oebi heeft geen lampion. Zijn lampion is stuk. Wat zou je kunnen doen voor Oebi? Zijn er nog andere oplossingen?

Voorspellen

  • Wonk zocht in et bos stinkzwammetjes. Zijn hele mand zat al vol. Wat denk jij dat Wonk met die stinkzwammetjes gaat doen?

Grote ideeën

  • In dit verhaal dacht bijna iedereen dat Wonk het gedaan had en ze waren allemaal al boos op Wonk. Wat kun je doen om zeker te weten of iemand iets gedaan heeft?

Ontwerpen

  • De kabouters maken mooie lampionnen. Kun jij zelf  ook een lampion maken? Hoe doe je dat?

Verbinden

  • Oebi was heel verdrietig. Wanneer ben jij heel verdrietig? Hoe kun je iemand troosten die heel verdrietig is?

 Woorden die goed behandeld kunnen worden bij Lichtjes voor Sint-Maarten om de woordenschat te vergroten:

  • Met behulp van de illustraties: burcht, wijd open, knollen, lampion.
  • Uitleggen met andere woorden: lantarens, stinkzwammetjes, zielig, gemeen, vlakbij zijn. 
  • Uitleggen door uit te beelden: snikken, troosten, sniffen, dolblij, trots lopen.

LIST bij kleuters

In groep 1-2 wordt op bijna alle scholen gewerkt met thematisch onderwijs. Bij het voorlezen is het dan ook een logische keuze om te kiezen voor prentenboeken die bij het thema passen. Het doel van het thematisch voorlezen is dat de ervarings- en taalbasis van de kinderen vergroot wordt.

Bij de LIST-methodiek kiezen de leerkrachten een essentieel thema, waarbij 1 prentenboek de basis is. Essentiële thema’s zijn brede onderwerpen waar mensen op verschillende wijzen naar kijken en die uitnodigen tot het stellen van vragen en filosoferen. Het zijn thema’s die vaak terugkomen in het dagelijks leven. Door het gebruik van een essentieel thema leren kinderen de verbinding te leggen tussen de wereld en zichzelf.

Essentieel thema

Bij Lichtjes voor Sint-Maarten past het essentieel thema: Het feest van Sint-Maarten.
De zin die centraal kan staan is: ‘Wonk vindt grapjes leuk. Hij is een plaag kabouter’
Als centrale woord zou ik ‘plaag’ kiezen.

Andere essentiële thema’s zouden kunnen zijn.

  • Feest
  • Plagen

Mogelijke activiteiten

Creatief schrijven

  • Wonk is aardig voor Oebi. Teken en schrijf welke aardige dingen jij voor iemand anders doet.
  • Grapjes maken is leuk. Kun jij een grapje opschrijven.
  • Teken jouw lampion en schrijf erbij hoe je hem gemaakt hebt.
  • Schrijf liedjes van Sint-Maarten op en maak er een tekening bij.
  • Kijk op de bladzijde waar de kabouterkinderen aan het knutselen zijn. Welke knutselspullen gebruiken ze? Schrijf het eens op.

Bouwen/knutselen

Muziek

  • Liedjes en versjes van Sint-Maarten
  • Leuke dingen om te doen met de kinderen op 11 november
  • In het boek wordt het liedje Sint Maarten, sint Maarten, de koeien hebben staarten gezongen. 
  •  In het volgende filmpje vind je de liedjes:
    • Dag mevrouw en dag meneer
    • Kijk mijn lichtje
    • Ik heb een lichtje in mijn hand

Rekenen

  • In dit boek kun je vele rekenactiviteiten vinden.
    • Op het eerste blad direct na de kaft zie je veer verschillende lampionnen. Je kunt hier ik zie ik zie mee spelen. Bijvoorbeeld …’ik zie een lampion aan de rechterkant bovenaan en de lampion lijkt op een vis.
  • Tellen:
    • Hoeveel kabouterhuisjes tel je onder de boom op bladzijde 2?
    • De kabouters knutselen een lampion? Hoeveel zijn dat er?
    • Hoeveel kaboutermeisjes op het plein en hoeveel jongens?
    • Wonk plukt stinkzwammen, hoeveel plukt hij er?
    • Hoeveel muizen tel je?
  • Begrippen:
    • Hoe ziet de lampion eruit die vooraan de lijn hangt
    • Welke lampion aan de lijn is de grootste/kleinste?
    • Welke lampion is rond, lang, kort?
    • Zie je iets op de laatste bladzijde wat lijkt op een rechthoek/cirkel?

Sociaal-emotioneel

  • Speel het verhaal na Lichtjes voor Sint-Maarten na.
  • Houd een kringgesprek over het verschil tussen plagen en pesten. Laat dit filmpje zien.
  • Leer de kinderen elkaar een compliment te geven. Het complimentenlied kan helpen. 

Themaboek Van Sint-Maarten tot Oud en Nieuw