Dyslectische kinderen leren lezen

[DOOR MARTIJNTJE] ‘Veel kinderliteratuur in het Nederlandse taalgebied is van een zeer hoog niveau. Dat maakt het lezen motiverend. De koppeling tussen de letters die je leest en de klanken die je uitspreekt, is in het Nederlands zeer direct. Dat maakt het leren lezen voor Nederlandse kinderen makkelijker dan voor kinderen in veel andere landen. Toch zijn de resultaten van het Nederlandse leesonderwijs vergeleken met andere landen maar matig. Te veel kinderen hebben leesproblemen: tien procent van de leerlingen valt uit. Waar schieten we tekort?’
– Dyslectische kinderen leren lezen –

Toen ik de titel van dit boek zag werd ik meteen nieuwsgierig. In mijn groep zit een aantal kinderen waarbij ik mijn vinger en niet op kan leggen wat maakt dat het leesproces niet zo vlot op gang komt. De kinderen die nu in groep 4 en 5 zitten hebben last van de coronatijd die we in het onderwijs achter de rug hebben. Zijn de kinderen die achterblijven op leesgebied dan echt allemaal dyslectisch? Of is er misschien wat anders aan de hand? Zou ik in dit boek een gouden tip vinden waarmee ik deze kinderen vooruit zou kunnen helpen met hun leesproblemen?

Dyslectische kinderen leren lezen

Cover Dyslectische kinderen leren lezen

Het eerste wat opvalt is dat het boek uit 2 delen bestaat. Het eerste deel gaat voornamelijk over goed preventief onderwijs. Er volgt een uitgebreide uitleg over wat goed leesonderwijs eigenlijk is, en waar dat begint. Er wordt uitleg gegeven over de verschillende leesstadia en het belang van het doorlopen van alle stadia en waarom het belangrijk is dat kinderen zo snel mogelijk op niveau komen. Slecht lezende kinderen glijden vaak langzaam af. Als ze niet (goed) lezen ontwikkelt de woordenschat zich langzamer. Prestaties bij andere vakken gaan achteruit. Ze verliezen plezier in leren/school en gaan weer minder lezen. Faalervaringen en demotivatie moeten voorkomen worden. Na deze korte uitleg wordt in dit eerste deel vooral de nadruk gelegd op preventie. Wat kun je als leerkracht doen (en moet je vooral niet doen) om kinderen gemotiveerd te houden voor het lezen.

Enkele tips zijn bijvoorbeeld: Zorg ervoor dat boeken in de klas een belangrijke plaats innemen. Besteed veel aandacht aan stillezen en voorlezen. Kies goede boeken met rijke tekst om de verbeelding te ontwikkelen en een veel nieuwe woorden te verwerven. Praat veel over de inhoud en stimuleer zo de betrokkenheid. Je vergroot hiermee gelijk de kennis van de wereld, de mondelinge taalvaardigheid en de sociale vaardigheid.

Taal/leesontwikkeling bij kleuters

Ook wordt er veel aandacht besteed aan taal/leesontwikkeling bij kleuters en hoe je kleuters al goed kunt voorbereiden. Het proces van leren lezen en schrijven begint al vroeg dus het is belangrijk dat kinderen opgroeien in een taalrijke omgeving. Dit doe je door veel aandacht te besteden aan mondelinge taalvaardigheid, luistervaardigheid en ze kennis te laten maken met de geschreven taal.

Opvallend is het belang dat er gehecht wordt aan het eigen schrijfproces, ofwel invented spelling. Door het zelf bedenken van mogelijke spellingen krijgen de kinderen meer inzicht in de relatie tussen letters en klanken in woorden. Zeker voor risicokleuters is dit een belangrijk element in het aanvankelijk leesproces.

Werkvormen

Voorlezen:

We weten al dat voorlezen de nieuwsgierigheid naar boeken en teksten prikkelt. Het vormt een goeie voorbereiding op het zelfstandig en begrijpend lezen en je geeft als leerkracht een goed voorbeeld van vloeiend leesgedrag. Enorm belangrijk dus. Kies dagelijks een nieuwe, losse, motiverende tekst. Een gedicht, een artikel uit de krant, de eerste hoofdstukken uit een boek of een tekst van een kind. Het voorlezen van deze tekst kun je zien als gerichte instructietijd.

Het meelezen van korte teksten en het meelezen van boeken:

Deze manier van instructie is weer gericht op het uitbreiden van de effectieve leesinstructietijd voor de hele groep. Door 2 tot 3 dagen met dezelfde tekst te werken bevorder je de vloeiendheid en verhoog je het technisch leesniveau. Bij het meelezen met een boek gebruik je regelmatig HPV’s om kinderen die afgedwaald zijn weer snel bij de les te krijgen. H=herinneren (ik ben onderaan blz. 30, wie kan vertellen wat er is gebeurd?), V=voorspellen (wat gaat er hierna gebeuren denk je?) en P=plek (we zijn nu boven bladzijde 31, is iedereen daar?). Ik vond dit zelf een erg goeie tip.

Hardop denken:

Hierbij demonstreer je als leerkracht door hardop te modelen dat lezen ‘denken’ is en dat begrip het hoofddoel van lezen is. Tijdens het lezen stop je regelmatig om hardop na te denken over wat er gelezen is. Er worden 8 strategieën beschreven die je kunt gebruiken hiervoor, zoals voorspellen, vergelijkingen maken en verbinden met wat je al weet. Na een aantal demonstraties kunnen kinderen dit ook in tweetallen doen.

Radiolezen:

een groepje kinderen leest een tekst voor die ze van tevoren hebben kunnen oefenen. Na het voorlezen (de andere kinderen lezen niet mee) leidt dit groepje een korte discussie aan de hand van vragen over de tekst.

Theaterlezen:

Om het vloeiend, expressief en betekenisvol lezen te stimuleren kun je ook goed theaterlezen inzetten. Je maakt gebruik van een toneelstuk of een toneelleesboek. Een paar kinderen bereiden een stuk tekst voor en lezen dit voor in de groep.

Voorlezen aan kleuters:

Laat kinderen uit de hogere groepen voorlezen aan een leesvriendje uit de kleutergroep. Eerst oefenen ze uitvoerig hun prentenboek, tot ze expressief kunnen voorlezen. Maak je lokaal gezellig met kussens en stoelen en lezen maar!

Duolezen:

Het lezen in duo’s kan het lezen in je groep een flinke impuls geven. Zeker wanneer het uithoudingsvermogen nog niet zo hoog is en er wel veel geoefend moet worden. Zelfgekozen duo’s van een vergelijkbaar leesniveau werken het best. Ook lees je over hoe je dit het beste kunt uitvoeren.

Tutorlezen:

Deze vorm is juist weer erg geschikt voor kinderen met leesproblemen. Een kind van een lagere groep worden gekoppeld aan een kind van een hogere groep. De kinderen hebben niet hetzelfde leesniveau, maar minimaal 2 niveaus verschil. Je krijgt uitleg over hoe je dit het best kunt organiseren en ook tips voor tutoren.

Ik vond het zelf heel prettig om juist weer eens andere werkvormen in te kunnen zetten en ook dat ik door het lezen van deze werkvormen weer even de puntjes op de i kon zetten in mijn eigen groep.

Stillezen

Tot slot wordt er uitgebreid stilgestaan bij het stillezen, het belang ervan en hoe je dit op een goede manier kunt organiseren in je groep. Je krijgt veel tips om dit tot een succes te maken. Bijvoorbeeld Hoe je ‘het goede boek’ vindt voor een kind, hoe je ervoor kunt zorgen dat kinderen elkaar enthousiast maken (bijvoorbeeld met boekenbabbels en minileeslessen)

Begeleiding en interventie

Het tweede deel van het boek gaat over begeleiding en interventie en beschrijft uitgebreid de volgende 2 (evidence invormed) remediërende programma’s: Connect en RALFI.

Connect

Connect lezen is voornamelijk gericht op groep 3 en het eerste deel van groep 4. De nadrukligt op het snel kunnen herkennen en benoemen van letters, woorden en later het vloeiende lezen. Het bestaat uit 3 delen: Connect Klanken en Letters; (bedoeld voor de 1e periode in groep 3 en vooral gericht op klankbewustzijn, letter-klankkoppeling en de aanvankelijke leeshandeling. Dit deel zet je in als het kind meerdere letters nog niet kan benoemen en/of nog moeite heeft met de elementaire leeshandeling.) Connect Woordherkenning; bedoeld om in te zetten voor kinderen die in de 2e helft van groep 3 specifieke problemen hebben met het lezen van medeklinkerverbindingen. En Connect Vloeiend lezen; vanaf de tweede helft van groep 3, gericht op het sneller en vloeiender lezen.

De werkwijze wordt uitgebreid beschreven, als ook wanneer en bij welke lezers je Connect kunt inzetten.

Ralfi

Ralfilezen is bedoeld voor zeer zwakke lezers in groep 4 tot en met 8, voor lezers die AVI E4 nog niet hebben behaald. Voor beide programma’s geldt dat je er zeer frequent mee moet werken (3 tot 5 keer, 20 minuten per week) en dat het een uitbreiding van de instructietijd is. Juist de frequentie is van belang, niet zozeer de duur van de interventie. Deze tijd komt bovenop de tijd voor het vrij lezen en voorlezen.

Wat me opviel is dat beide interventies sterk inzetten op de band die de begeleider heeft met het kind en dat de keuze van de leesboekjes en teksten een prominente plek inneemt. Omdat er veel geoefend moet worden is leesmotivatie en leesplezier enorm belangrijk. Je kunt je interventie pas geslaagd noemen als een kind ook thuis uit vrije wil gaat lezen. Pas dan is er garantie voor verdere doorgroei van de leesontwikkeling, omdat het kind dan leeskilometers gaat maken.

In het boek wordt verder dieper ingegaan op hoe je Connect en Ralfi kunt gebruiken in de groep. Aan bod komen het trainen van de begeleiders, tips voor ouders, welke beslissingen neem je in de begeleiding, hoe kies je een geschikt boek of geschikte tekst en hoe je de vorderingen kunt evalueren.

Recensie

Ik heb Dyslectische kinderen leren lezen met veel plezier gelezen. Ondanks dat het een studieboek is, leest het toch makkelijk weg en is het vooral een heel praktisch boek. Voor de recensie heb ik het van voor naar achter gelezen, maar dit is zeker niet per se nodig. Het kan net zo goed als naslagwerk of bron dienen, waarin je even wat opzoekt als je een nieuwe werkvorm wilt uitproberen of tips wilt voor het vinden van het juiste boek.

Ik was blij verrast dat er vooral heel veel aandacht is voor, en misschien wel nadruk ligt op het belang van goede boeken, leesmotivatie en leesplezier. Zowel in je klassensituatie zonder interventies, als bij het inzetten van Connect of Ralfi. Je krijgt veel tips over hoe je een goed boek kunt kiezen, veel

motiverende werkvormen en veel tools voor als een kind buiten de boot dreigt te vallen. Ook ben ik blij dat er beschreven staat hoe belangrijk een goede band tussen leerling en begeleider is. Dit is zo waar!

De verschillende interventiemanieren Connect en Ralfi worden erg uitgebreid uitgelegd in het 2e deel van het boek. De opbouw van de sessies staat nauwkeurig beschreven, je kunt er zo mee aan de slag.

Doordat je als begeleider zelf, al dan niet samen met het kind, de boeken en teksten kiest zijn Connect lezen en Ralfi lezen ook makkelijk in te passen in veel verschillende vormen van onderwijs. Werk je met een methode, dan kun je daarbij aansluiten, en als je thematisch werkt, kies je gewoon voor themateksten.

Het boek is voor mij een fijn naslagwerk wat ik nog regelmatig ter hand zal nemen als ik mijn leesonderwijs ga plannen.

Met dank aan Uitgeverij Boom voor het toezenden van dit recensie-exemplaar.

Andere delen

Vergelijkbare artikelen